Mythen, Sagen en Sprookjes

Dit gedeelte van de No Trace site is vooral gevuld met verhalen. Dit zijn verhalen die als inspiratie of als verdere uitleg bij onderwerpen op deze site gebruikt kunnen worden. Ze zijn bijvoorbeeld ook een leuke toevoeging bij het kampvuur.

Deze verhalen zijn vooral te scharen onder de noemers mythen, sagen en sprookjes. Ik heb hiervoor grofweg de volgende definities gebruikt.

De mythe

Mythen zijn verhalen waarin goden, halfgoden, helden en/of mythische wezens een rol spelen. Daarbij zijn de precieze tijd en plaats niet altijd helder.

Aan mythen werd geloof gehecht. Ze kunnen deel uitmaken van religie en rituelen. Ook “verklaren” ze vaak bestaande, sociale fenomenen en “rechtvaardigen” ze deze. Mythen maakten dus deel uit van een levend onderdeel uit van een samenleving.

De sage

Een sage is een traditioneel volksverhaal.  Vaak spelen de verhalen zich af op een bekende plaats en op een bekend moment in de tijd. De sage is doorgaans een kortere vertelling dan een sprookje. Het behandelt een bepaalde vorm van volksgeloof. Sagen bevatten veel angstaanjagende, bovennatuurlijke elementen. Met onderwerpen als hekserij, toverij, spokerij, weerwolverij. Maar ook over reuzen, kabouters, nachtmerries (het wezen, niet de droom), Witte Wieven, duivels en dergelijke. Sagen kunnen ook vertellen over moedige en sterke helden, over geduchte rovers, onderaardse gangen, verborgen schatten en bodemloze putten. In principe werden de sagen vroeger als waarheid verteld. Voor vertellers en publiek werden ze ervaren als non-fictie.

Het sprookje

Een sprookje is vaker een literair bedenksel. Het is in wezen een geëngageerd genre wat de nodige satire en sociaal-culturele weerspannigheid bevat. De verhalen spelen zich af op een onbepaalde plaats in een onbepaalde tijd. Een sprookje opent daarom vaak met de woorden “Er was eens…” Vaak keren we in een sprookje terug naar een onbestemd feodaal verleden.

In het begin van het verhaal wordt de held voor een probleem gesteld dat opgelost moet worden. De held gaat vervolgens op avontuur uit. Zonder dat de held zich daar veel over verwondert wordt hij tegengewerkt door kwade wezens, maar evengoed ook geholpen door goede mensen en dierhelpers. De held slaagt erin, mede dankzij zijn moed, wijsheid, eerlijkheid, goedheid of geluk, om het avontuur tot een goed einde te brengen. Het sprookje eindigt in de regel optimistisch (in tegenstelling tot de sage!). Vandaar dat de slotformule dikwijls luidt: “En ze leefden nog lang en gelukkig”.

Doel

Waar het verhaal uiteindelijk onder hoort laat ik aan de lezer. Dat is volgens mij ook niet belangrijk. Het gaat om het verhaal zelf, om de les die eventueel uit geleerd kan worden. Maar zeker ook om het plezier van het vertellen en het luisteren. Bijvoorbeeld bij een kampvuur.

Bronnen voor deze verhalen kunnen vaak gevonden worden in de boekbesprekingen  waarin bijvoorbeeld Coyote Wisdom en By The Fire:Sami folktales and legends worden behandeld. Het zijn nooit 1op1 kopieën van deze verhalen. Ik probeer ze altijd te beschrijven zoals ik ze me herinner. Zoals dat bij een overlevering hoort. 😉